De Tweede Kamer verkiezingen zijn bijna negen maanden geleden geweest. Het regeerakkoord kan wel klaar zijn als u deze column leest, maar sowieso hebben we in deze periode als agrosector al heel wat meegemaakt. Duidelijk is dat de samenstelling van het huidige kabinet gelijk is aan het nieuwe kabinet. Je kunt daardoor niet met droge ogen constateren dat het speelveld, waarin de formatiepartijen zich nu bevinden, compleet los staat van het huidige kabinet. Dat gezegd hebbende, blik ik terug.

Begin september lekten er ineens stukken naar buiten die gedeeld waren in het huidige kabinet. Het betrof een PBL-rapport waarin een groot bedrag stond beschreven om boeren te onteigenen. De sector raakte in rep en roer en dat is ook niet vreemd. Niemand wist hier iets van en ineens was deze boodschap daar. Nog geen week later kwam er weer een gelekt stuk naar buiten. Dit keer was het een advies van de landsadvocaat over het intrekken van Natuurbeschermingswetvergunningen. Ook dit gaf weer een golf van reacties richting de politiek. Begin november verscheen een brief vanuit het kabinet over een hele rits aan rapporten waarin ook gesproken wordt over emissiereductie en eventuele inkrimping van de veestapel. Opnieuw ging er een golf van onrust door de sector heen. Nog geen zeven dagen later lekt een formatiestuk dat Gert Jan Segers een paar weken geleden in de trein heeft laten liggen. Het stuk dateert nog van eind september. Waarschijnlijk ziet de wereld aan de formatietafel er nu heel anders uit. Echter je weet het niet. 

Dat niet weten is het probleem en maakt ons boeren enorm wanhopig of onzeker. Hangt er nu een zwaard van Damocles boven ons bedrijf of komt het schip met geld en kansen? We gaan ook enorm naar elkaar kijken. Tot mijn grote schrik ging het gerucht in mijn eigen club dat ik als alwetende bestuurder een peildatum aan zag komen en massaal koeien had gekocht. Maar van een nieuwe peildatum weet ik niets. En geloof het of niet: ik doe al jaren aan koeien verkopen in plaats van aankopen. 

Echter, ik kan het boeren niet kwalijk nemen dat ze gespannen zijn en onrustig om zich heen kijken wat er gebeurt. Al die halve boodschappen en rapporten maken je als ondernemer gek. Je wilt niet nog een keer aan de verkeerde kant van de streep staan, zoals je misschien ten tijde van fosfaatrechten wel stond.

De overheid en de politiek lijken dit niet te snappen. Voor hen lijkt het lekken en het strooien met rapporten onderdeel te zijn van een normaal besluitvormingsproces. We hebben behoefte aan een overheid en een politiek die meebouwt aan onze toekomst in plaats van deze toekomst constant onzeker te maken.
Mijn hoop is dat een nieuw kabinet zich serieus inspant om de huidige houding te veranderen. Anders kunnen we nooit samen bouwen aan een toekomstbestendige sector. Dat zou doodzonde zijn.

Roy Meijer
Voorzitter NAJK en melkveehouder in Witteveen

Vorig artikel‘Wij doen nog een beetje aan ouderwetse fokkerij’
Volgend artikelMet eigen krachtvoer naar 11.600 kilo melk per koe