Van vaste rasters tot aangepaste beweidingssystemen: steeds meer veehouders in Drenthe en Zuidoost-Friesland investeren in bescherming tegen de wolf. De terugkeer van de wolf verandert het landschap van de veehouderij in Noord-Nederland ingrijpend.

Of ze wel eens een wolf in de buurt gezien heeft?  ‘Zeker’, zegt melkveehouder Anky van Burgsteden. ‘Eerst denk je nog aan een grote herdershond, maar het is een veel forser en krachtiger dier. Een machtig mooi dier wel eigenlijk.’ Ze kent ook het andere beeld van de wolf. Een roofdier dat een kudde schapen opjaagt en verscheurt. Zelfs op hun eigen bedrijf in de Weperpolder bij Oosterwolde gebeurde het, met de dieren van een schapenhouder die op hun land liepen. ‘Verschrikkelijk was dat.’

‘Ik wil niet meemaken dat de wolf onze kalveren pakt’

Het beeld leidde voor de boerin tot maatregelen. Zij heeft de dagelijkse leiding over de maatschap met haar man Cees Pieter – ook wethouder in de gemeente Oost-Stellingwerf – en zoon Jesse – ook 38 uur in de week actief voor de Marechaussee. Het 100 hectare grote bedrijf houdt 160 melkkoeien en bijbehorend jongvee.  ‘Wij willen weiden, zowel met de koeien als het jongvee.’ Dus staat er nu een wolvenraster rond de 30 hectare waar de koeien en het jongvee weiden.

Ze doen mee met het PlanetProof-keurmerk van FrieslandCampina en krijgen een weidepremie, maar Van Burgsteden benadrukt dat de motivatie voor het raster niet economisch is ingegeven. ‘We willen gewoon niet meemaken dat de wolf onze kalveren pakt.’ 

32 runderen gepakt in 2025

 

Aanvallen van wolven zorgden in 2025 landelijk voor 1.114 meldingen van schade 

bij gehouden dieren. Daarbij kan het om meerdere dieren per aanval gaan. Bij 994 meldingen gaat het om schade bij schapen. Er werden 32 runderen gepakt. Verder ging het om pony’s en paarden (35), geiten (24), alpaca’s en lama’s (14) of een combinatie van dieren (11). 

Wat een kentering lijkt, is dat het aantal meldingen dit jaar tot 22 mei met 395 lager ligt dan de 490 in 2025. Al is dat in mei wel wat afgevlakt. De daling is waarschijnlijk terug te voeren op verschillende factoren waaronder uitbreiding van het aantal wolvenrasters. Zo constateerde provincie Drenthe bijvoorbeeld in een onderzoek deze winter dat het aantal schapen achter rasters in de omgeving van de roedel in Midden-Drenthe steeg van 38 naar 86%. 

De eerste wolf kwam in 2015 in Nederland langs. De eerste roedel vestigde zich in 2019 op de Veluwe. Ondertussen telt Nederland veertien roedels waarvan vier in Noord-Nederland. In 2021 vestigde het eerste paar zich in het Drents-Friese Wold. In 2022 kwam een tweede paar naar Midden-Drenthe. In 2025 kwamen er twee roedels bij in het Middenveld en in Zuid-Drenthe. Er is twijfel over de mogelijk vestiging van een wolf in de Lauwersmeerregio. Daar waren vorig jaar meerdere meldingen over een wolf. Er wordt nu intensief gemonitord, maar het is niet zeker of het om steeds dezelfde wolf gaat. Ook voor Oost-Groningen is zo’n monitoring opgezet.

Bij12 houdt voor de twaalf provincies de wolvenstand bij en verzorgt de vergoeding van gemelde wolvenschade. Naast de roedels gaat het om zwervende wolven. In totaal waren er volgens Bij12 in 2025 131 wolven in Nederland, 30 meer dan in 2024. Op Zuid-Holland na zijn ondertussen in alle provincies wolven geconstateerd. Na Gelderland ligt het zwaartepunt in Drenthe en Zuidoost-Friesland. De groei komt vooral door welpen. Bij de zwervende wolven gaat het voor 70% om dieren uit de Nederlandse roedels. De rest komt uit Duitsland of België.

Melkveehouder Robert Welhuis uit Wapse, namens LTO Melkveehouderij lid van de Gebiedscommissie Wolf Drenthe, laat er wel een snelle een rekensom op los. Als leverancier van CONO Kaasmakers kan hij rekenen op een plus van 3 cent door het weiden van zijn vee. Voor de 180 melkkoeien van de 111 hectare grote maatschap die hij samen met vrouw José en zoon Berend bestiert, is een investering in een wolvenraster voor de beweidingskavel, na aftrek van subsidie, ongeveer gelijk is aan de weidepremie van een jaar. ‘Maar dat is voor elk bedrijf anders’, relativeert hij direct ook.

Samenleven vraagt bescherming

De voorzitter van de Gebiedscommissie Wolf Drenthe en Gebietskommisje Wolf Fryslân is Harry Oosterman. ‘We gaan niet over de vraag of we voor of tegen de wolf moeten zijn’, benadrukt Oosterman. De beide commissies adviseren Gedeputeerde Staten over preventie en vergoedingen, stellen wolvenconsulenten aan en geven voorlichting. ‘Bij samenleven met de wolf is bescherming van vee het belangrijkst’, vindt Oosterman. ‘We zien dat steeds meer boeren dat doen.’ Al ziet hij ook dat melkveehouders stoppen met het houden van schapen. ‘Bij mij in de buurt, de Tjongervallei, zie je bijna geen schapen meer.’

Omdat de Nederlandse wolven de afgelopen jaren welpen hebben grootgebracht, is uitbreiding van het aantal wolven – ook in meerdere regio’s in het land – een realistisch scenario.

Als lid van de gebiedscommissie ziet Welhuis het aantal vragen van melkveehouders groeien.  ‘Wij hebben zelf het geluk dat we grond van een hertenkamp gekocht hebben. Daar stond al een hek omheen en daar loopt nu ons jongvee.’ De weidegrond voor de koeien is niet afgeschermd. Rond de percelen ligt een verhoogde boomwal. Om tegen te gaan dat wolven over de afrastering springen, moet de afrastering minimaal twee meter van verhogingen af liggen. ‘Helemaal rondom kost ons dat vooralsnog te veel grond’, zegt Welhuis. 

Hoewel er wolven op zijn percelen gezien zijn – ‘niet door mijzelf trouwens’– gaat Welhuis ervan uit dat wolven koeien overdag met rust laten. Al weet hij via de commissie dat wolven soms een koe pakken. ‘Dat doet de wolf alleen selectief, denk ik. Ik ken verhalen dat wolven gewoon tussen de koeien door lopen en de dieren elkaar met rust laten.’ Wel heeft een goede afscherming effect. ‘In camerabeelden voor onderzoek zie je de wolven langs de rasters lopen.’

Lagere status

Van de verlaagde beschermstatus en bijbehorende ruimere regels waarmee staatssecretaris Silvio Erkens in april kwam, verwacht Welhuis weinig effect. ‘Je mag wolven verjagen, maar moet je dan ‘s nachts op wacht? Aan het bepalen van en afrekenen met een probleemwolf hangt een lange lijst voorwaarden. Volgens mij veranderd er niet veel of niets.’ De melkveehouder zit daarmee op dezelfde lijn als SGP-Europarlementariër Bert-Jan Ruissen die ook vindt dat het wolvenbesluit onwerkbaar is. De Europarlementariër pleit juist voor het instellen van een maximum aantal wolven in Nederland. 

Welhuis is met zijn boomwallen niet de enige die tegen problemen voor wolvenrasters aanloopt. Dat ervaart ook Rosa Sellies, wolvenconsulent voor Drenthe en Groningen en zelf schaapherder. Zij adviseert veehouders, vooral bij aanvraag van subsidie, maar ook als ze daar niet voor in aanmerking komen. Ze krijgt steeds meer vragen over wolfwering, zeker na verruiming van de Drentse subsidie vorig jaar. ‘Een raster lijkt simpel, maar geen twee situaties zijn gelijk’, is haar ervaring. ‘Het is elke keer maatwerk.’  

De basis is een pijnprikkel door stroom. Bij een afrastering met draden moeten dat er minstens vijf zijn. De onderste draad mag niet hoger zitten dan 20 centimeter, de bovenste niet onder de 120 centimeter. Die minimale hoogte geldt ook bij het werken met netten.  ‘Wij brengen de zwakke plekken in beeld’, zegt Sellies. Kuilen waardoor de wolf toch onder de draad door kan kruipen, of juist verhogingen waardoor het dier over de hekken kan springen. Onderhoud is ook een aandachtpunt. Een beschadiging of het weglekken van stroom via begroeiing komt veel voor.

Bij12, die de schadevergoedingen uitkeert voor de provincie, zag dat in 2025 bij 81 van de 1114 meldingen preventieve maatregelen waren genomen volgens de adviesnorm. Bij 45 daarvan werden gebreken geconstateerd. Dat betekent dat de uitvoering precies komt en het dan evengoed wolven soms lukt de wering te omzeilen. 

Provinciale subsidies voor wolvenrasters

Veehouders kunnen voor de aanschaf van wolfwerende rasters subsidie krijgen van de provincies Friesland, Groningen, Drenthe en Overijssel. Omdat de wolf tot nu toe weinig schade aanricht in Flevoland en Noord-Holland is daar nog geen subsidieregeling. De details verschillen per provincie maar in de regel gaat het om een maximale subsidie van € 20.000 tot € 30.000. Wolvenrasters moeten voor subsidie wel voldoen aan de eisen die B12 daaraan stelt. Er worden geen voorwaarden aan preventie gesteld om in aanmerking te komen voor een vergoeding voor schade door de wolf. Al inventariseert B12 wel altijd of er sprake is van preventie en in hoeverre de afrastering voldoet aan de eisen. 

Netten voor jongvee

Voor melkveehouders is een vast draden- of gaasraster voor het jongvee een goede oplossing, geeft Sellies aan. Als dat niet mogelijk is, zijn melkveehouders aangewezen op verplaatsbare wolvennetten Wel moeten kalveren met de netten leren omgaan. ‘Anders lopen ze zich vast in de netten.’ 

Robert Welhuis: ‘Een koe aanvallen doet de wolf alleen selectief, denk ik. Ik ken verhalen dat wolven gewoon tussen de koeien door lopen en de dieren elkaar met rust laten.’

Verplaatsbare netten worden ook gebruikt bij schaapskuddes die weiden op verschillende locaties. ‘Het grote probleem daarbij is de arbeid’, zegt Oosterman. ‘Het kost veel tijd en is zwaar werk.’ Met onder andere steun vanuit de wolvencommissies lopen er verschillende onderzoeken naar gemechaniseerd verplaatsen van draad- en nettenrasters en ook naar effectievere methoden om de wolf te weren. ‘Als je ziet waar we 10 jaar geleden mee begonnen en wat we nu doen, hebben we al een grote ontwikkeling gehad’, zegt Sellies. ‘Zowel de materialen als de technieken en methodes worden steeds beter.’

Spelen met stroomsterkte

Anky van Burgsteden speelde in op die nieuwe ontwikkelingen. De Van Burgstedens werkten zonder een wolvenconsulent. Schapenhouder Henry Hoiting uit Appelscha was voor hen wel een belangrijke gesprekspartner. Hij heeft een alternatieve methode voor afrastering uitgewerkt waarvan de effectiviteit nu op vijftig plekken wordt onderzocht door Van Hall Larenstein. De resultaten worden in de tweede helft van dit jaar bekend. 

 ‘Het kostte 9 uren om 16 pinken te verweiden’

De eerste fase voor Van Burgsteden twee jaar geleden was een vaste afrastering van 4 hectare met zeven draden, waarvan twee nuldraden om te zorgen dat de wolf ook bij springen een schok krijgt. Een hoge stroomsterkte is nodig om door de dichte isolerende vacht van de wolf te komen. Maar de stroomsterkte bleek een probleem voor de toch wel zware gevlochten draad van ijzer en kunststof. De draad brandde regelmatig door. Via de onderste draad op 20 centimeter was er sprake van lekstroom onder andere door begroeiing. Hetzelfde jaar breidden ze uit met een flexibel net voor 3 hectare. ‘Dat was te veel en zwaar werk, het kostte opgeteld 9 uur om 16 pinken te verplaatsen’, verzucht Van Burgsteden. De netten staan nu vast op een andere locatie. 

De wolf heeft Van Burgsteden tot op heden niet meer gezien. Maar zijn aanwezigheid is overal voelbaar. In de zwarte netten, de vele meters aan afrastering en regelmatige berichten over nieuwe aanvallen in de media. ‘Dat wij best ingrijpende maatregelen hebben genomen, voelt beter dan niks doen. Ik kan er rustiger door slapen.”

Zwarte netten van 1.45 meter op melkveebedrijf Van Burgsteden

Voor dit jaar ging de kogel door de kerk en kozen de Van Burgstedens voor uitbreiding van de vaste afrastering tot 30 hectare. Basis is een 145 centimeter hoog net. Daartussen zitten twee ijzerdraden onder stroom. ‘Op 40 centimeter voor de wolf en op 1 meter voor de koeien’, legt Anky van Burgsteden uit. De spanning is opgeschroefd tot 10.000 volt. Wat ook te zien is aan de verschroeide begroeiing.

Bovenaan zit er nog een ijzerdraad zonder stroom door het net gevlochten om de bovenkant mooi strak te houden. Op de hoeken en om de 100 meter staat een biels en elke 15 meter een hardhouten paal. De palen zijn geplaatst door een loonwerker, het overige werk deden Anky, zoon Jesse en de vaste medewerker. Het net is zwart in plaats van blauw waardoor de wolf het net minder goed ziet en bij nieuwsgierigheid sneller een schok krijgt. Ook kan het dier de hoogte van het net niet goed inschatten. Een specifiek geur van het net moet de wolf herinneren aan eerdere schokken om hem weg te houden. 

 
Vorig artikelVan Essen stuurt Frau Antje met pensioen
Volgend artikelBrazilië: Europa’s ongemakkelijke agrarische partner