Nederlandse supermarkten en slachterijen pronken momenteel met termen als Hollands weiderund, premiumrundvlees van eigen bodem en dubbeldoelkoe. Het vlees komt echter nog steeds gewoon van afgemolken koeien.

Wat Albert Heijn en Royal A-ware met melk wel is gelukt – in een gesloten keten een meerprijs van 5 cent per kilo voor Nederlandse melkveehouders realiseren – is met rundvlees niet gelukt. Een flink deel van de circa 450 melkveehouders die meedoen aan het Beter voor Koe, Natuur & Boer-programma van Albert Heijn en A-ware zouden ook voor het vlees gaan zorgen. Daar is weinig van terecht gekomen. Slechts 40 van de oorspronkelijk 300 melkveehouders doen mee en dan ook nog in afgeslankte vorm. Dat wil zeggen dat het plan om de vleeskwaliteit van de afgemolken koeien te verhogen via gespecialiseerde mesters niet van de grond is gekomen.

Albert Heijn en A-ware willen bovengenoemde getallen niet bevestigen en ook andere vragen omtrent het project blijven onbeantwoord. Woordvoerders verwijzen naar een passage in het missieverslag van Albert Heijn. Daar staat onder het kopje ‘Dubbeldoel koe’ het volgende: ‘Een pilot in 2021 waarbij koeien in de eerste plaats gehouden worden voor de productie van melk en uiteindelijk ook voor Nederlands geproduceerd rundvlees, bleek uitdagend. De vraag van de klant bleek namelijk zo groot dat er te weinig melkkoeien beschikbaar waren om hieraan te voldoen. Dit benadrukte voor Albert Heijn en voor A-ware dat vertrouwen in de keten van groot belang is en dat nieuwe ketensamenwerkingen tijd kosten.’

Betere koeien naar afmester

De werkelijkheid ligt toch wel wat anders. Het aanbod van slachtkoeien van 300 A-ware melkveehouders was in oktober 2021 met zo’n 10.000 stuks ruim genoeg om aan de vraag te kunnen voldoen. Ruim de helft daarvan zou via gespecialiseerde mesters naar een hogere vleeskwaliteit worden gebracht. Heijdra Vleesvee uit IJsselstein zou deze premiumlijn – met hulp van drie vleesveebedrijven – gaan verzorgen. De vier bedrijven zijn gespecialiseerd in het afmesten van melkkoeien tot uniforme vleeskwaliteit. Heijdra bracht het concept onder de aandacht van Albert Heijn en A-ware en was de spil in het plan om zoveel mogelijk afgemolken koeien op een stal met stro en een speciaal rantsoen van gras, mais, aardappelschillen en bierbostel in enkele maanden tot kwaliteitsvlees – zoals biefstuk, entrecôte en ribeye – van Nederlandse bodem te promoveren. In de pilot, die al sinds juli 2020 draaide, bleek dit vlees ook zeer gewild bij de consument. De andere helft van de 10.000 koeien zou  rechtstreeks van melkveebedrijf naar de slachter gaan, ten behoeve van gehaktproducten van Albert Heijn.

Afgemolken koe blijft een afgemolken koe

Melkveehouders zouden de koeien in een gesloten keten aanleveren, zo was het plan. Met bonussen van € 165 per koe voor de route via de mester en € 115 als het dier rechtstreeks naar de slachterij ging. Slachterij Ameco in Apeldoorn, onderdeel van de Van Drie Group, zou de koeien slachten. Albert Heijn regelde dat de koeien voor slechts € 30 per koe werden afgevoerd, fors goedkoper dan als het via de veehandelaar gaat, die aan transport en commissie gemiddeld € 75 kost. Ook op die kosten bespaarde de boer zo nog € 45. Kortom, een nieuwe, gesloten vleesketen, met een duidelijke plus voor de boer en een opwaardering van de afgemolken Nederlandse melkkoe.

Veehandel sloeg vuist op tafel

Dat was buiten de veehandel gerekend. Die sector zag handel verdwijnen en was daarom ‘not amused’ over dit gesloten ketenproject. Ze legden de aanvoer van koeien naar Ameco min of meer plat en praatten stevig in op melkveehouders om zich vooral niet te binden aan een grote supermarktketen. Hierdoor werd de onrust zo groot dat Albert Heijn eind november 2021 een streep zette door alle getekende contracten van melkveehouders die zich hadden aangemeld voor de nieuwe vleesketen. Albert Heijn besloot daarop het ketenproject voort te zetten met VION Slachterij.

Het succesvolle melkproject van Albert Heijn en A-ware krijgt binnen de vleesverwaarding niet het vervolg waar de partijen op hoopten.

Voor Heijdra Vleesvee en slachterij Ameco stopte het ketenproject ineens. Van het beoogde plan om de daarvoor geschikte koeien via gespecialiseerde mesters naar een hogere vleeskwaliteit te brengen en daarmee luxe vleesproducten van Nederlandse bodem in de supermarkt te krijgen, is sindsdien niets meer terecht gekomen. De afgemolken koeien van de 40 melkveehouders die nog wel meedoen, gaan naar VION. De melkveehouder krijgt hiervoor een premie van € 115 per koe én betaalt zelf afvoer en commissie aan zijn veehandelaar. Extra pikant is dat Albert Heijn vanwege het tegenvallende koeienaanbod uit het Beter voor Koe, Natuur & Boer-programma een deel van het Nederlandse weiderundvlees nu toch weer inkoopt via slachterij Ameco, de beoogd ketenpartner die werd ingeruild voor Vion. Ameco zelf verhoogde ondertussen niet alleen de kiloprijs, maar betaalt ook een extra premie aan Albert Heijn-melkveehouders. Daardoor is de prijs voor een slachtkoe nu vergelijkbaar of zelfs hoger dan de prijs die de A-ware-boer inclusief premie ontvangt bij Vion.

90% van rundvlees uit Nederland

Het streven van Albert Heijn is nog steeds dat in de loop van 2022 90% van de rundvleesproducten in alle ruim 1.000 vestigingen gemaakt zijn van Nederlandse melkkoeien, bij voorkeur van koeien met weidegang. De supermarktketen vermindert hiermee zijn klimaatvoetafdruk, omdat Nederlands vlees een flink lagere klimaatimpact heeft dan bijvoorbeeld vlees van Ierse of Zuid-Amerikaanse vleesrunderen. Het percentage vlees van koeien dat uit het Beter voor Koe, Natuur & Boer-programma komt, is door het mislukken van het oorspronkelijke ketenproject echter niet geworden wat er van verwacht werd. Daarmee laat de Nederlandse rundveesector een kans, om het vlees van afgemolken koeien op te waarderen tot luxe vlees, liggen. Slagers en vleeskenners zijn het er vrijwel unaniem over eens dat een koe die rechtstreeks vanuit de melkstal naar het slachthuis gaat minder lekker en minder uniform vlees oplevert. Ook de kans om aan consumenten te vertellen dat koeien uit het Beter voor Koe, Natuur & Boer-programma na hun melkcarrière lekker ‘op pensioen’ naar een andere boerderij gaan, waar ze met lekker voer, rust en massages worden vertroeteld tot het eind van hun leven, is verkeken.

De termen Hollands weidevlees, premiumvlees van eigen bodem en dubbeldoelkoeien van diverse supermarktketens en slachterijen die momenteel her en der opduiken, klinken prachtig. Maar het is feitelijk nog steeds niks meer of minder dan vlees van afgemolken koeien. De echte opwaardering van afgemolken koeien tot luxe vlees blijft uit: het Hollandse weiderund loopt promotie naar de eredivisie mis. Een gemiste kans.  En de boeren? Die malen er niet om. Ze ontvangen, mede dankzij de sterk toegenomen vraag naar Nederlandse rundvlees, toch al recordprijzen voor hun slachtkoeien, tot soms ruim boven de € 2.000. De veehandel danst en profiteert dankbaar mee.

Vorig artikelTien aanbevelingen voor nieuw stikstofbeleid
Volgend artikelMarkt schikt zich niet naar scenario overheid