Minder import van soja, meer krachtvoer van eigen grond of van akkerbouwers in de omgeving. Dat is het streven waarmee Hoogland BV invulling wil geven aan kringlooplandbouw. De eerste succesvolle voorbeelden zijn er.

Een mooi voorbeeld van een regionale veevoersamenwerking is die tussen akkerbouwer Piet Hoekstra (70) in Sint Jacobiparochie en melkveehouder Piet Jan Thibaudier (33). De samenwerking ontsproot in het najaar van 2014, toen muizen het grasland van de melkveehouder in Lemmer hadden geruïneerd. Hoekstra, schoonvader van Thibaudier, bood aan om 5 hectare voederbieten voor de melkveehouder te telen. Zodat hij in 2015 in elk geval voldoende vreten had voor zijn koeien. 

Melkveehouder Piet Jan Thibaudier (links) en Piet Hoekstra inspecteren de akkers met voederbieten. Foto: Annamarie Eldering

De kwaliteit van de bieten beviel de melkveehouder zo goed, dat hij sindsdien niet anders meer wil. ‘De melk wordt dankzij de voederbieten dikker, zowel het vet- als het eiwitpercentage stegen met 0,2 procent, terwijl ik per koe nu een liter meer melk.’ Hoekstra zaait de bieten in april en rooit ze tussen augustus en december. Eenmaal in de drie weken gaat er een vracht van ’t Bildt naar Zuidwest-Friesland. De melkveehouder kocht in Duitsland een speciale machine waarmee hij de bieten versnippert, daarna komen ze in een mengrantsoen voor zijn 180 melkkoeien.

Voedergewas in lift

De teelt van voedergewassen in Nederland vertoont een stijgende lijn, zo blijkt uit cijfers van het CBS. Zo verdrievoudigde het areaal voederbieten sinds 2014 naar ruim 1.800 hectare. Het areaal eiwithoudende voedergewassen steeg sinds 2008 met bijna 50 procent naar ruim 9.000 hectare. Luzerne is verreweg het grootste gewas, met 7.500 hectare. De groei zit hem met name sojabonen. Dit areaal groeide in vier jaar tijd van 100 naar 540 hectare. Ook de teelt van veldbonen wint aan belangstelling: hier groeide het areaal van 280 hectare in 2014 naar 710 hectare in 2018.

Van gras tot glas

Zuivelcoöperatie ZUCO en Hoogland BV werken samen aan een zelfvoorzienende regionale kringloopzuivelketen: Concreet: akkerbouwer Klaas Rienks uit het Friese Waaxens zaaide dit najaar een hectare veldbonen, twee hectare gerst en twee hectare luzerne. Deze voeders gaan als aanvulling op weidegras en hooi naar het melkveebedrijf van ZUCO. De stalmest van de koeien gaat retour, als bodemverbeteraar voor de teelt van de pootaardappelen. Het eindproduct is in de vorm van tal van culinaire zuivelproducten te proeven in het centrum van Dokkum.

In Noord-Nederland probeert handelsonderneming Hoogland BV het telen van regionaal veevoer al langer te stimuleren. Het bedrijf wil een regionale schakel zijn tussen akkerbouw en melkveehouderij, de twee sectoren die het bedient. Zo gaat de tarwe van Friese en Groninger akkerbouwers in diverse veevoerproducten, zoals de sojaschrootvervanger alkagrain of het ontsloten tarweproduct sodagrain. 

‘Dit geeft melkveehouders een lage carbon footprint, terwijl het akkerbouwers kansen biedt op betere graansaldo’s’, stelt teeltadviseur Teo Wijbenga van Hoogland BV. 

Veldbonen en erwten

De laatste twee jaar kijkt het bedrijf uit Leeuwarden ook nadrukkelijk naar het opzetten van teelten voor voedergewassen. Zo onderzoekt Hoogland BV momenteel of de winterveldboon een volwaardige vervanger van soja is als eiwitbron in veevoer. Hiervoor loopt een proef bij akkerbouwers en melkveehouders in Friesland en Groningen. ‘We willen weten of het economisch haalbaar is om met de lokale teelt regionale kringlopen te sluiten’, vertelt Wijbenga. Ook de erwtenteelt staat in de picture. Thibaudier, die het product al eens voerde, is geïnteresseerd. ‘Erwten bevatten een hoog DVE en zetmeel, terwijl de OEB van erwten ook heel gunstig is. Daardoor hoef ik minder eiwitrijk krachtvoer in te kopen.’

De melkveehouder is vastbesloten om de samenwerking met Hoekstra door te zetten. ‘De consument begint meer belangstelling te krijgen naar producten uit een regionale kringloop. Ik wil die boot niet missen en werk daarom vast die kant op.’