‘Tûk buorkje’, de kosten in de gaten houden en bewuste keuzes maken, daarmee weten Nolle en Geke Reitsma uit Pingjum hun melkveebedrijf te ontwikkelen. Ze dachten vergunningsruimte te hebben voor 200 melkkoeien, maar met de stikstofcrisis sloeg ook de onzekerheid toe. ‘Knap waardeloos.’

Nolle (50) en Geke (47) Reitsma wonen sinds 1998 op het melkveebedrijf aan de kop van de Afsluitdijk, waar met recht gesproken kan worden van een weidse omgeving. Vanuit de keuken kijken ze uit op de Waddendijk tussen Zurich en Harlingen. In het weiland voor het bedrijf lopen schapen. De 150 Swifters vormen Geke haar afdeling.

De familie Reitsma verhuisde in 1975 vanuit Schettens naar de toen nog kop-hals-rompboerderij waar de pake van Nolle samen met zijn vader en oom een melkveebedrijf begon. In 1990 kwam Nolle in het bedrijf en drie jaar later maakte de schuur plaats voor nieuwbouw. Ook kwam er een loods voor machines en de schapen in de lammertijd. In 2006 volgde een volgende uitbreiding. Toen bouwden ze over de bestaande stal een nieuwe stal. Aan beide kanten kwam er een rij boxen bij (van 2+2 naar 3+3) en de stal werd 20 meter langer. In 2007 startten ze met robotmelken met twee DeLaval melkrobots. Ondertussen is er ook een derde – de nieuwste V300 – bij gekomen. Het is de bedoeling dat de andere twee ook door dit type worden vervangen.

Knoop doorhakken

Met de derde robot kregen ze weer lucht in het bedrijf. ‘Op een gegeven moment is de maximale capaciteit bereikt en moet je de knoop doorhakken. Teveel koeien op een robot breekt je op een gegeven moment ook op’, zegt de melkveehouder. En met het oog op de toekomst – ze hebben vier kinderen, Rinze Bouke (20), Tjalling Douwe (19), Marianne (17) en Gosse Pieter (16 ); waaronder potentiële opvolgers – willen ze het bedrijf verder ontwikkelen. ‘Vorig jaar hebben we fosfaatrechten bijgekocht en 24 koeien. En de derde robot. We zaten er al jaren tegenaan te hikken, want de regelgeving verandert voortdurend. Je weet niet waar je aan toe bent. We hebben bijvoorbeeld voor de plaatsing van de derde robot wat aanpassingen in de stal gedaan en PAS-berekeningen laten maken.

Deuren open voor de burger

Het bedrijf van Nolle en Geke Reitsma was de afgelopen zomer één van de zeven deelnemende bedrijven aan de boerenfietstocht ‘Efkes Buorkje’ rond Arum, Witmarsum, Pingjum en Kimswerd. Het was een gezamenlijk initiatief van de boerinnengroep, LTO Noord en de agrarische jongeren. ‘We vinden het belangrijk om te laten zien wat er gebeurt in de landbouw. Er zijn die dag 450 bezoekers geweest, daar waren we best tevreden mee. Alleen jammer dat de kritische burgers niet op zo’n activiteit afkomen. Het zijn toch vooral mensen die al een link met de agrarische sector hebben die meedoen. Gezellig was het wel.’

Ook omdat we zijn gegroeid in het aantal stuks vee. Volgens die berekeningen mogen we uitbreiden tot 200 koeien, maar met de stikstofperikelen staat alles weer op losse schroeven.’

Momenteel hebben ze 180 melkkoeien, 120 stuks jongvee en 150 schapen op 106 hectare. Twee jaar geleden hebben ze land gekocht van een buurman. ‘Als die kans er is, moet je die niet laten lopen. Je zit hier tegen de Waddenzee en het akkerbouwgebied aan, dus veel mogelijkheden om grasland te kopen zijn er niet.’ Zes hectare verhuren ze aan een akkerbouwer als aardappelland en op één hectare rust een uitgestelde maaidatum.

Geen poespas

Gras vormt de hoofdmoot van het melkveerantsoen. ’s Zomers vers gras via stalvoeren en kuil en ’s winters kuil met brok. ‘Geen snijmais en bijproducten en andere poespas, alleen maar gras en kuil en brok. We voeren met een eenvoudige doseerwagen en voerautomaten en hebben geen voermengwagen. Dat scheelt zo 2 cent in de kostprijs’, stelt Reitsma. Met het eenvoudige rantsoen halen ze een gemiddelde melkproductie van 9.800 kilo melk met 4,23 procent vet en 3,59 procent eiwit. De melk wordt geleverd aan Hochwald in Bolsward.

‘Wispelturige regelgeving maakt ook fokkerijkeuzes lastiger’

De landwerkzaamheden doen ze allemaal in eigen beheer. ‘Mijn vader helpt geregeld mee en de laatste jaren springen de kinderen ook steeds meer bij.’ Dat betekent dat er een respectabel machinepark in de loods staat, maar ook dat de loonkosten nihil zijn.

Om de ruwvoederwinning verder te optimaliseren, investeerden ze twee jaar geleden in een automatisch afdeksysteem van Easy Silage. ‘Het voordeel van dit systeem is dat je met één machine twee bulten kunt afdekken’, legt Reitsma uit. ‘We zaten krap in de ruimte, daarom hebben we de twee silo’s breder en langer gemaakt.’ Ze kunnen nu met een afstandsbediening de kuilbult afdekken. De machine wordt aangedreven door zonnepanelen. ‘Het waait hier altijd en het viel niet altijd mee om de graskuil goed dicht te krijgen en te houden. Groot voordeel vind ik ook dat we nu een lasagnekuil kunnen maken en dus het hele jaar door dezelfde kuil kunnen voeren. Ik ben echt heel blij met deze investering.’

Fokkerij

De wand in de keuken van de Reitsma’s hangt vol bordjes van Workumer aardewerk. Ieder bordje staat voor een 100.000 kilo koe of een 10.000 kilo vet-en-eiwit koe en is aangeboden door melkcontrole Nijland. Het bedrijf bracht tot nu toe elf 100.000 liter koeien voort en drie koeien haalden de grens van 10.000 kilo vet en eiwit. Fokkerij is een hobby van Nolle en hij zoekt zelf de juiste stieren bij zijn koeien. ‘Ik heb vroeger veel aan veebeoordelen gedaan en was lid van de technische commissie’, vertelt hij. Waar hij op let bij de stierkeuze? ‘Een koe met massa, met beste benen en een goed uier. Voor ons als robotmelker is ook de achterspeenplaatsing belangrijk.’ Hij gebruikt stieren van verschillende aanbieders, zoals GGI. In de stal lopen momenteel meerdere dochters uit Duitse stieren, waarbij Zabing veel voorkomt. Ook kent de veestapel momenteel veel dochters van Cricket, Atlantic, Wonder en Goldmar.

Het bedrijf ligt tussen Pingjum en Zurich, aan de kop van de Afsluitdijk. Foto’s: Ida Hylkema

Met de wispelturige regelgeving is ook fokkerij lastig geworden. ‘Na het einde van de melkquotering moest je vooral op melk gaan inzetten, met de fosfaatwetgeving werden de gehaltes belangrijker. Eigenlijk loop je altijd achter de muziek aan.’

Indrukwekkende acties

Die onzekerheid, dat houdt hen nu het meest bezig. Gelden de PAS-berekeningen die ze hebben laten maken nog wel? Mogen ze nog uitbreiden naar 200 koeien? Niemand die het weet. Geke en de kinderen zijn tot twee keer toe naar Den Haag afgereisd, de tweede keer met beide oudste zonen op de trekker. Ook staken ze de Afsluitdijk over om hun Noord-Hollandse collega’s een hart onder de riem te steken. Indrukwekkende acties waar ze veel saamhorigheid voelden, maar nog steeds is er geen duidelijkheid. ‘Niemand weet wat wel en niet mag. Een waardeloze situatie.’