Naam: Sjoerd Reitsma (45)
Plaats: Piaam
Bedrijf: 140 melkkoeien, 1,4 miljoen kilo melk, 70 stuks jongvee, 70 hectare grond. Heeft vanuit Netwerk Praktijkbedrijven al bijna vijf jaar sensoren in stal hangen om real time emissies te meten.
‘Blij word ik ook niet van alle opgaves die er liggen voor de melkveehouderij, maar ik ben niet zo van het protesteren. En bovendien, het wordt toch van ons verwacht dat we emissies reduceren. Dus toen de kans zich voordeed om aan te sluiten bij dit netwerk heb ik mij aangemeld en werd ik geselecteerd. Ook bleek mijn stal geschikt om sensoren op te hangen, dat geldt niet overal. Nu heb ik dagelijks inzicht in het verloop van de ammoniak- en methaanemissies in onze stal. De resultaten proberen we te koppelen aan ons voer- en stalmanagement.’
‘Ik kan je meteen wel zeggen: 30% reductie is haalbaar. Maar 45% of meer geloof ik niet dat we dat alleen hiermee gaan redden. Als ik zeg ‘hiermee’, doel ik op een lager ruw eiwitgehalte in het rantsoen, minder jongvee aanhouden en de roostervloer besproeien met water. Wij zijn van 172 naar 150 ruw eiwit in het rantsoen gegaan. De vuistregel is: 1 gram lager ruw eiwit is 1% minder emissie. Dus dat levert ons zo’n 20% reductie op. En we houden nu maximaal 5 stuks jongvee per 10 melkkoeien. Beide maatregelen passen prima. De koeien blijven gezond en op productie en bij het jongvee moet ik nog steeds selecteren.’
‘Dat betekent niet dat het vanzelf gaat. Bovendien kun je ook eens een jaar hebben waarin de ruwvoerkwaliteit minder is en dan gaat het percentage reductie waarschijnlijk omlaag. Ook het sproeien van de roosters met water levert reductie op – dat ligt op zo’n 10 tot 15% – maar heeft ook een keerzijde. Er wordt 10 liter water per m roostervloer gebruikt, in mijn stal betekent dat 7 kuub water per dag. Als de mestput in de winter bijna vol zit of je moet flink wat mest afzetten voor zo’n € 40 per kuub, dan denk je wel twee keer na over zo’n investering. Bij mij betaalt het Netwerk nu die kosten, maar in een normale situatie is dat wel een struikelblok. Aan de andere kant, als zoiets je net het laatste stukje helpt om je vergunning te behouden zonder te hoeven inkrimpen, doe je het wellicht wel. Dan is ook dat weer een rekensommetje.’
‘Daarbij draait het natuurlijk allemaal om of deze maatregelen geborgd worden. Anders is het allemaal leuk en aardig, maar koop je er weinig voor. Persoonlijk geloof ik niet dat die borging er de komende jaren al komt voor het type maatregelen dat wij hier doorvoeren. En als we binnen enkele jaren wel zover zijn, is er eerst nog wel een partij die het voor de rechter wil aanvechten. Maar juist het feit dat we op termijn wel tot die borging moeten komen, drijft mij om hieraan mee te doen. Dit real time meten is onze enige kans om in de nabije toekomst dit soort maatregelen wel geborgd te krijgen.’
‘Wij zitten gelukkig niet in een zoneringsgebied waar je circa 65% reductie moet behalen. Dat kan volgens mij alleen als verschillende boeren in zo’n gebied stoppen. Niemand weet nu nog precies wat de opgave in jouw regio wordt qua reductiepercentage. Vooreerst reken ik voor onze regio met circa 45%. Dat halen we met deze managementmaatregelen alleen dus niet. Op termijn zullen wij waarschijnlijk dus ook wel een technische innovatie erbij moeten hebben. Zeker voor het methaan- en CO2-vraagstuk. Want vergis je niet, dat is nog lastiger om vanuit managementmaatregelen te reduceren dan ammoniak.’
(Dit artikel is geschreven voor magazine Agrarische Schouw wat vanaf 15-9-2026 is verspreid onder melkveehouders in het noordelijke deel van Nederland)
































