Wat doe je als je een melkveehouderij hebt opgebouwd maar geen bedrijfsopvolger hebt? Geuje Ziel en Corrie Ziel-Gorte namen verschillende opties door. Ze besloten een traject in te gaan met Arno Kraak en Esther Kraak-Smit. Een manier om zelf ondernemend af te kunnen bouwen en iemand anders een kans te bieden.

Geuje en Corrie hebben een melkveebedrijf in Oldeholtpade. Rond 1931 kwamen de opa en oma van Corrie naar Oldeholtpade vanuit Giethoorn. ‘Door alle watertjes zagen ze daar geen toekomst in de melkveehouderij.’ In 1984 stapte Geuje met de vader van Corrie in een maatschap. Vervolgens namen Geuje en Corrie het bedrijf in 1997 over. Nu, vele jaren later, is het melkveebedrijf verder ontwikkeld. ‘We hebben hier ruim 190 koeien en 100 stuks jongvee’ vertelt Geuje. ‘Met een gemiddelde melkproductie van 10.500 kilo melk per koe en 4,29% vet en 3,55% eiwit. Het bedrijf telt 107 hectare grond. 12 hectare is natuurland van It Fryske Gea. 17 hectare is maisland en de overige 78 hectare is grasland.

Binding houden

Begin 2019 vragen Geuje en Corrie zich af: wat willen we? Hoe willen we verder? ‘Van onze drie zoons was duidelijk dat geen van hen verder wilde of kon met het bedrijf. Dat gaf ons verschillende opties. Of we gaan nog even door op dezelfde voet. Of we verkopen alles. Of we geven een ander de kans melkveehouder te worden’. Met name Corrie wilde wel een stapje terug, voor Geuje was alles verkopen te definitief. ‘Ik wilde wel bezig blijven’. Daarom werd besloten om ondernemend af te bouwen. ‘Dan houd je binding met het bedrijf’. Corrie: ‘De gunfactor speelde ook een rol. Het is een mooi opgebouwd bedrijf, we gunden het iemand die melkveehouder wilde worden hiermee verder te gaan.’

‘Alles was bij de tijd, dat maakt  de stap makkelijker’

Daarom is in 2020 het traject via Countus gestart om een opvolger te vinden. Al snel kwamen Geuje en Corrie zelf in contact met Arno. Arno: ‘Geuje belde mij met de vraag. Ik kende ze al, ik had eerder op dit bedrijf stage gelopen. Ik moest wel even nadenken. Het was niet zomaar een beslissing, maar een beslissing voor mijn toekomst en ook die van mijn vrouw en kinderen. We hebben daar goed over nagedacht en toen besloten de uitdaging aan te gaan’.

Zelfstandig melkveehouder

Arno is opgegroeid op een melkveebedrijf en later heeft hij bij verschillende boerenbedrijven ervaring opgedaan. ‘Tien jaar geleden zetten Esther en ik de stap om op avontuur te gaan en ervaring op te doen, ver van huis. We zijn een poos in Portugal geweest en daarna in Oost-Duitsland om te kijken hoe alles daar gaat. Vanuit Oost-Duitsland gingen we naar een melkveebedrijf in Noord-Holland. Daarna zijn we terechtgekomen in Vlagtwedde, waar we bedrijfsleider waren op een melkveebedrijf. Overal waar we geweest zijn, liepen we tegen hetzelfde aan. Je bent niet de eigenaar, je werkt voor iemand anders. Dat betekent dat je niet altijd zelf kan beslissen, niet altijd je eigen personeel kan kiezen. Het waren soms kleine dingen, maar voor ons zorgde dat voor irritatie en kostte het veel energie.’ Daarom was er na de jaren ervaring de wens om zelfstandig melkveehouder te worden. ‘Dat Geuje en Corrie ons die kans geven, is heel bijzonder’.

Anders dan familie-overname
Dat het bijzonder is beaamt ook Harmen Westra, ondernemersadviseur bij Countus. ‘Het is een uitzonderlijke situatie dat de overname buiten de familie gaat. Het is anders dan wanneer je je bedrijf laat overnemen door iemand binnen de familie. Dan ken je elkaar al heel lang. In deze situatie moet je eerst heel erg aftasten en je afvragen: past dit? Je gaat uit het niets een intensieve samenwerking aan. Het is daarom belangrijk om goede gesprekken te hebben en elkaar tijd en ruimte te geven. Waar zitten de wensen en belangen bij beide partijen? Daar moet je achter zien te komen en dan kan er een plan gemaakt worden.

Afspraken maken

Zo begonnen ook Geuje en Corrie, Arno en Esther, het traject. Voordat dit echt van start ging, was er al wat voorbereiding aan vooraf gegaan. Gesprekken voeren en elkaar leren kennen, de klik was goed. ‘Vervolgens hebben ook wij elkaars wensen en belangen besproken en is er samen met Harmen een plan voor meerdere jaren opgesteld. Alles hebben we duidelijk op schrift gesteld. Het traject zal zo’n zeven jaar duren. Een van de afspraken die we maakten is dat beide partijen de eerste drie jaar de stekker er nog uit kunnen trekken.’
Als eerste grote stap bouwden Geuje en Corrie een huis in Oldeholtpade. Hierdoor was er voor Arno en Esther ruimte om op het bedrijf te wonen. Corrie: ‘Je wilt niet dat zij met jonge kinderen tijdelijk ergens moeten bivakkeren. En voor Geuje was het fijn om ’s avonds niet meer af te hoeven sluiten. Arno kreeg gelijk de ruimte en verantwoordelijkheid.’ Er staat een goede stal en er wordt al gemolken met drie robots. Arno: ‘Dan zet je ook makkelijker de stap. Het bedrijf is bij de tijd en er is ruimte voor ontwikkeling.’ Om ook een goed verdienmodel te houden, was er wel schaalvergroting nodig. Er zijn zo’n 25 koeien bijgekomen wat het totaal op 190 stuks brengt.

Ook zijn zonnepanelen aangelegd, is er een nieuwe trekker bijgekomen en zijn er ventilatoren voor de stallen aangeschaft.

Er blijven altijd kansen

De samenwerking gaat goed. Geuje geeft Arno ruimte en vrijheid en biedt het jonge stel daarmee kansen. Arno neemt die plek in en wil zijn plek ook verdienen. Zijn er dan ook zorgen? ‘Ik maak me wel zorgen over de stikstofproblematiek’ zegt Corrie. ‘Je neemt samen een hele stap. Dan wil je niet dat alles voor niets is.’ Arno geeft aan dat er bij aanvang van het traject inderdaad een ander vertrekpunt was. Echt zorgen maakt hij zich niet: ‘Ik sta er wel positief in. Er zijn vaker ingrijpende tijden geweest, welke kant het nu op gaat weten we niet maar er blijven altijd kansen. We hopen de komende jaren goed te draaien en het traject af te ronden. Over ongeveer vier jaar zal een eerste gedeelte van het bedrijf overgedragen worden. In de jaren daarna zal er nog steeds sprake zijn van een samenwerking en zal de rest van het bedrijf gefaseerd worden overgedragen.’

Loslaten en oppakken

Ieder heeft nu een eigen taak op het bedrijf. Arno is verantwoordelijk voor het vee, de fokkerij en het voeren. Geuje houdt zich bezig met landwerk, samen met een van zijn zonen. Corrie en Esther zijn verantwoordelijk voor de kalfjes en regelen samen de boekhouding. Het meeste in de boekhouding wordt door hen zelf uitgevoerd. Countus kijkt mee en controleert de zaken.
De takenverdeling is eigenlijk heel natuurlijk gegaan, vertelt Harmen Westra. ‘Af en toe komen we samen en evalueren we hoe het gaat. Dat is fijn, maar ze doen het vooral echt zelf. Ik vind het een dappere stap van beide families, ze hebben het echt met elkaar gedaan. Wat ik hier heb gezien, en wat erg belangrijk is om een dergelijk traject te laten slagen, is dat je moet kunnen loslaten en weer op kan pakken. Dan vul je elkaar goed aan en ben je een goede match.’

 

Dit artikel verscheen in magazine Agrarische Schouw dat vanaf 16 september 2022 in Noord-Nederland is verspreid.

Vorig artikelEen beter verdienmodel begint bij jezelf
Volgend artikelBert Groen: ‘Ruimte en tijd helpen in Denemarken’