De koeien in een ligboxstal en melken in een melkput. Het is voor de meeste melkveehouders gesneden koek. Voor Gerard Fijnheer in Lutjwinkel echter is het enorm wennen. Hij molk zijn koeien tot begin oktober op de grupstal.

Gerard en Linda met dochter Silvana in de nieuwe 2×8 zij-aan-zij melkstal. ‘Groeien we later verder dan is er ook in de melkstal ruimt voor twee of vier extra melkstellen.’

Het is een mooi gezicht uit het raam van de kantine bovenin de nieuwe stal: 47 melkkoeien hebben volop ruimte tussen meer dan honderd splinternieuwe ligboxen. De koeien die niet bij het voerhek staan, liggen netjes in hun diepstrooiselboxen gevuld met strobrokkorrels. En dat terwijl de dieren begin november pas een maand in de stal gehuisvest zijn. Tot aan 4 oktober, dierendag, was de grupstal hun terrein. Na een traject van dertien jaar konden Gerard Fijnheer (38) en zijn vrouw Linda Nijdam (37) dan eindelijk een nieuwe stal in gebruik nemen.‘Onze zoektocht begon in 2005 nadat er brand uitbrak bij de naastgelegen zuivelfabriek van FrieslandCampina’, begint Fijnheer hun bijzondere verhaal. ‘De gemeente kwam er toen achter dat er nog een boer midden in het dorp zat, wat extra rompslomp betekent in dergelijke situaties. Zij stelden ons voor om net buiten het dorp, aan de andere kant van ons 40 hectare grote grondareaal, een nieuwe stal te bouwen en in het dorp kavels te mogen verkopen voor woningbouw. Een soort rood-voor-rood-regeling. Onze grupstal was ook toen al niet meer up-to-date en bewerkelijk, ik was daarom voor. Sterker nog, op de toenmalige wijze doorgaan was niet toekomstbestendig en een overname zou erg lastig worden. Dat had ik ook met mijn ouders besproken. Dit was dus voor ons een mooie kans.’Gerard en zijn vader smeedden plannen voor een nieuwe stal en het verkopen van enkele bouwkavels aan de rand van het dorp. Projectontwikkelaars schreven gretig in en ondertussen oriënteerden vader en zoon Fijnheer zich hoe hun nieuwe ligboxstal vorm te geven. Daarvoor gingen ze letterlijk bijna alle open dagen in Nederland af. En niet in de auto, maar beide op een motor. ‘We werden bekende verschijningen voor vertegenwoordigers in heel Nederland. Overal staken we ons licht op’, vertelt Gerard lachend.

Opschorting plannen

Op een sober rantsoen van graskuil, het laatste weidegras, brok in de voercomputer en 1 kilo lokbrok in de melkstal, produceerden de koeien begin november gemiddeld 23 liter melk daags.

In 2008 kwam de vergunning rond voor een stal met ruim honderd boxen voor melkvee plus bijbehorend jongvee. Het plan daarbij was om twee melkrobots te plaatsen. Geld leek, anders dan de maatschap tot dan toe gewend was, geen probleem omdat de projectontwikkelaars fors bij elkaar opboden voor de bouwkavels. Echter, toen sloeg de crisis toe. De ene na de andere projectontwikkelaar ging failliet of trok zich terug. De familie Fijnheer nam de tijd voor heroriëntatie en onderzoek naar alternatieven, ondertussen opnieuw doormelkend op de grup. In 2010 kwam plots Gerards vader te overlijden. Hij was de spil in het bedrijf en Gerard kwam er alleen voor te staan. De plannen kwamen op een laag pitje te staan. Temeer omdat er een nieuwe politieke wind kwam waaien. De gemeenteraad voelde niet veel voor de eerder gemaakte rood-voor-rood afspraken. In 2014 veranderde de gemeenteraad van samenstelling. Uiteindelijk werd het oorspronkelijke plan iets aangepast. In 2016 werd de eerste bouwkavel eindelijk verkocht en recent is de handtekening voor verkoop van de vijfde en laatste bouwkavel gezet.

Met de bank spraken Gerard en Linda af om de bouw van de ligboxstal te starten wanneer ze twee kavels definitief verkochten. In 2017 was dit het geval en in de nazomer van 2018 konden de koeien de nieuwe stal in.

Melkstal voor robots

‘Brede melkput werkt veel prettiger’

De genoodzaakte aanpassingen in de plannen en de komst van de fosfaatrechten, maken wel dat de financiële ruimte slonk. Melkrobots werden daarom te duur en Fijnheer opende de zoektocht naar een passende melkstal. Opnieuw werden veel open dagen bezocht, nu samen met Linda en in de auto. Bij de maatschap Dikkerboom-Terpstra in Scharnegoutum stuitten zij in het voorjaar van 2017 op een nieuw type melkstal van Servicebedrijf Jan Castelein waarbij de melkbekers ‘uit de vloer komen’.‘Ik was meteen enthousiast’, zegt Gerard. ‘Linda melkt ook graag. Op de grupstal wilde ik dat voor haar veiligheid eigenlijk niet. In een melkstal had ik daartoe ook zorgen, maar niet in dit concept omdat je niet hoeft te reiken naar de koeien, zeker in combinatie met de beweegbare vloer waarvoor we hebben gekozen. Ook is het veel lichter voor je schouders en rug.’Gerard ging samen met een neef proefmelken bij de collega’s in Scharnegoutum. ‘Mijn kritische neef stuurde steeds foto’s naar zijn studieclubgenoten. Die stuurden feedback en vragen welke we meteen konden meenemen of testen. Dat werkte erg goed en zo raakte ik helemaal overtuigd.’Zaligmakend is geen enkele melkstal en dit systeem en dus ook deze niet, zegt de melkveehouder. ‘Worden de bekers niet erg vies, krijg is vaak als vraag. Nee, maar ook hier schijt wel eens een koe in de melkput een melkbeker helemaal onder. Dan spuit je dat schoon en ga je weer verder. Enige kritische puntjes vind ik de indexering in de melkstal, die moet nog beter afgesteld worden. En de touchscreen had ik graag anders ingedeeld gezien. Verder functioneert alles prima. De meerprijs valt mij relatief ook mee. Wij kozen voor een 2×8 opstelling. Die was net zo duur als een ‘normaal’ 2×10-systeem. Verder ben ik natuurlijk geen goede representant want ik heb bijna louter ervaring met melken op de grupstal.’De ondernemer dacht erg goed na hoe hij de melkput in de stal uitgevoerd wilde zien. Zo stond hij erop dat de melkput 3 meter breed werd. ‘Dat is niet standaard, maar werkt veel prettiger en creëert extra overzicht.’ Het vroeg wel een aanpassing in de bouw, zeker omdat het een MDV-stal is waarbij strikte regels gelden voor onder andere boxlengte. Ook kwamen er gaten onder de voergoot om bij het schoonmaken van de melkstal sneller en effectiever te kunnen werken. ‘Ook dat heb ik geleerd bij het bezoek van een open dag.’

Geen heimwee

Gerard is tevreden hoe het loopt. Hij moet hier en daar nog steeds wennen en de koeien ook. Het melken gaat echter nagenoeg probleemloos en erg vlot. Heimwee naar de grupstal heeft hij dan ook beslist niet. ‘Klauwproblemen komen nu wel meer voor, dat is wennen. Maar de koeien presteren verder probleemloos. En in deze situatie kunnen wij toewerken naar tachtig melkkoeien waarbij we al het werk zelf rondzetten. In de grupstal was ik drukker met 47 dieren. Meer dan tachtig koeien worden het op termijn misschien wel, maar niet veel meer. Daar zijn wij het type boer niet voor. Dan zoeken we het eerder in de verbreding of werk buitenshuis erbij. De variatie in het werk vind ik nu juist wat het boeren tot zo’n prachtige manier van leven maakt.’